Studievaardigheden: leren met je linker en rechter hersenhelft

Studievaardigheden: leren met je linker en rechter hersenhelft

Excusez, ce message n’existe pas en français. Le voyez ci-dessous en néerlandais quand-même: Pour le confort de l’utilisateur, le contenu est affiché ci-dessous dans une autre langue. Vous pouvez cliquer le lien pour changer de langue active.

Vanuit de lappenmand, waar ik nog steeds languit en wel in zit, even een leuk – denk ik – stukje over het verschil tussen je linker en je rechter hersenhelft bij het leren. Dat is voor mij niet zo moeilijk, want in tegenstelling tot bijna alle anderen heb ik een uiterst dominante linker hersenhelft en werkte de rechter lange tijd helemaal niet. Het gaat steeds beter met ‘um hoor, maar de linker is wel blijvend dominant. Een verhaal over Knexx, Lego en de moderne leerstrategieën op school. Maar ook over schrijfvaardigheden en communicatie via je linker en rechter hersenhelft. Kunst en sudoku’s.

Met mijn linker hersenhelft heb ik een prima oplossingsvermogen, snap ik altijd alles, heb ik een paar grote talenten en een metershoog IQ. Aan de andere kant ben ik behoorlijk onhandig en kan ik bijvoorbeeld totaal niet tekenen. Dat interesseert me helemaal niets, want mijn linker hersenhelft zorgt er óók voor dat ik tevreden ben met wat ik wél kan. En dat ik heel hard kan lachen om mijn tekortkomingen. Nu ken ik iemand die een dominante rechter hersenhelft heeft en ook onhandig is. Die lijdt onder zijn onhandigheid, omdat hij minder tevreden is dan ik, maar óók omdat die dominante rechter hersenhelft hem juist hándig hoorde te maken. Hij mist die eigenschap dus veel meer dan ik, want voor mij hoeft iets wat ik maak niet móói te zijn: als ik zelf maar weet wat het is.

 

Nostalgie naar vroeger

Vroegah toen ik klein was, hadden we gefragmenteerd speelgoed: Knexx bijvoorbeeld en Lego en voor de meisjes stukjes stof waar je zelf kleertjes van diende te maken voor je beren & poppen. En we hadden blokken, waar je een toren van kon bouwen. Of een huis, want dat kon je er ook van maken. Een muur om de tuin van je huis heen, een garage, een lantaarnpaal en dan moest je erbij zeggen tegen je ouders dat dat een lantarenpaal was. Dat kon je namelijk niet zien, want er hing geen lampje aan, maar je wist het gewoon. Je pakte gewoon een doorzichtige knoop uit je moeders naaidoos of vroeg om de (enórme) zaklantaarn van je pa. Als je van Lego een waterput wilde maken, was die vierkant. Ronde of gebogen stukjes hadden we toen niet. En een auto van Knexx had alleen wielen en assen, maar geen carrosserie. Dat hoefde ook niet, want je wíst gewoon dat het een auto was. Of een vliegtuig of een sterrenschip. De kleertjes van poppen & beren waren scheef genaaid en gebreid of waren te groot, maar dat mocht allemaal niet deren: in mijn jeugd en in álle jeugden daarvoor trainde je als kind vooral je linker hersenhelft.

mcgyver
MacGyver, de Amerikaanse Handige Harry

Op school moest je de les begrijpen en dan uit je hoofd leren. Voor mij helemaal top, want begrijpen was helemaal mijn ding en om de boel in mijn kop te krijgen, had ik plenty fantasie voor ezelsbruggetjes. Met een dominante linker hersenhelft heb je die heel hard nodig, want die leert graag uit z’n hoofd. Ook leert die graag in de praktijk door zelf van alles uit te vissen op basis van wat hij al geleerd heeft uit een boek. Ik weet niet of je de tv-held MacGyver nog kent? Die wist alles over natuurkunde. Hij wist hoe je van alles in elkaar kon knutselen enzo. Met kauwgom, spijkers, paperclips enzovoort. Linker hersenhelftwerk!

Waarom konden toen veel meer kinderen dan nu meekomen met de les op school? Omdat met álle speelgoed dat er toen was, je fantasie werd getraind. Niets zag er gelikt uit: een touw voor touwtjespringen haalde je bij de bouwmarkt, waarna je de eindjes vastbrandde met een lucifer. Je eerste les natuurkunde! Een hinkelblok moest je zelf met krijt op straat tekenen, in tegenstelling tot de kant-en-klare van nu. Het speelgoed zag er niet uit, maar je had het wel zélluf gemaakt en dus vond je het prachtig. Je damde, schaakte, deed bordspellen, maakte boomhutten of tenten aan de wasparasol van je moeder en speelde met knijpers. Het perfecte speelgoed van nu hadden we toen niet eens mooi gevonden, want daar kón je niets mee. Veranderen, eraan bouwen of afbreken.

Wij leerden vreemde talen op school door de grammatica te snappen en dan met behulp van ezelsbruggetjes woordjes te stampen. Daarmee fabriceerde je zélf zinnetjes: schoolfrans, schoolduits en schoolengels. Iedereen die óók Engels kende, snapte precies wat je bedoelde, maar een échte Engelsman zou de zinnen toch weer heel anders opbouwen en andere woorden gebruiken. Dat gaf niks, want als je op een dag met echte Engelssprekende mensen omging, leerde je vanzelf net als zij praten. In het kort: met elementen iets opbouwen is werk voor je linker hersenhelft. Dat kun je ook heel goed leren door ermee te oefenen en leuk: je IQ gaat ervan omhoog en je wordt hartstikke creatief. Niet met kurk, maar met ideeën.

Gebruikten we vroeger ook onze rechter hersenhelft? Jazeker! We tekenden, hadden handwerken of handvaardigheid op school, er waren toch wel een páár regels waar je je aan diende te houden en we deden aan ballet, muziek of voetballen. We renden rond in het kader van tikkie, verstoppie, crossten op onze fietsjes en klommen bomen in: ja, lichamelijke beweging is goed voor je rechter hersenhelft. Bewegen deed je met rechts en leren met links. Veel minder kinderen dan nu hadden motorische of leerproblemen. Dyslexie kenden we niet en dat was niet alleen omdat we niet wisten wat het was, maar vooral ook omdat kinderen zich vrijer konden uiten en niet met hun rechter hersenhelft hoefden te leren, wat erg tegennatuurlijk is voor veel kinderen. Zelf zou ik in het huidige onderwijs zijn afgehaakt, terwijl ik vroeger meestal de beste van de klas was.

 

De fantasieloze era van tegenwoordig

Ik schrijf natuurlijk met nostalgie, want niet alleen voor mij, maar voor heel veel mensen was dat een betere tijd. Je mocht zelf nadenken en werd niet bedolven onder de regels zoals nu. Je rechter hersenhelft is echter óók een wonderschoon element! Daarmee pas je regeltjes toe en maak je móóie dingen. Daarom hebben kunstenaars ook meestal een dominante rechter hersenhelft. Als ze daar vervolgens geen beetje linker hersenhelft bij hebben, maken ze prut, want je esthetiek zit dan weer links. Tegenwoordig hebben kinderen kant-en-klaar speelgoed. Ze hoeven Barbie alleen maar een ander outfitje aan te trekken en een ander compleet huis uit de kast te halen of ze hebben een nieuw verhaal om te spelen. Ze hoeven niet meer urenlang te zitten prikken met van die breinaalden of naald-en-draad om kleertjes en andere spulletjes zelf te maken. Lego is niet meer creatief, maar alleen mooi: je koopt een pakket om een auto te maken en die auto moet je met een handleiding in elkaar knutselen. Hij ziet er dan ook wel picobello uit, maar je hebt geen centje fantasie gebruikt. Het speelgoed van tegenwoordig zou vroeger gebruikt worden om neer te zetten, niet om mee te spelen.

Gelukkig zijn er ook nog wel gewoon emmers met losse Lego te koop, maar de kinderen van tegenwoordig weten steeds minder goed wat ze daarmee aan moeten. Ze zijn simpelweg niet meer gewend om zelf na te denken en leren dat ze zich moeten schamen als ze geen perfect autootje hebben gemaakt. Knexx en Meccano kun je zelfs niet eens meer vinden in de winkel, heb ik begrepen. Wel is er tegenwoordig Kapla: allemaal gelijke platte houten latjes waar je van alles van kunt maken. Probleem is echter wel – voor je linker hersenhelft dan – dat je geen fantasie moet hebben, maar handig moet zijn om dat voor elkaar te krijgen. Bovendien moet je ze allemaal in een bepaalde structuur recht en overdwars neerleggen en daar houdt je linker hersenhelft niet van hoor. Als je de plankjes gebruikt om er heel iets anders mee te doen dan er iets mee te bouwen, word je als een vervelend kind gezien. Je hebt zelfs van die moeders die helemaal van de kook raken als hun kinderen in juni Sinterklaasje spelen.

Het leren op school gaat nu over regeltjes uit je hoofd leren zonder ze te snappen en dan toepassen. Een klik-en-buigprincipe! Het is natuurlijk geweldig dat alles er mooier uitziet dan vroeger; laten we eerlijk wezen! Kleding ziet er stukken beter uit, ook de goedkope, speelgoed en leerboeken zijn in kleur vol met plaatjes. Ik zal nooit het rode glas ranja in mijn rekenboek vergeten aan het einde van een hoofdstuk! Dat was het enige plaatje dat erin stond en ik kreeg er altijd dorst van. De basisschool waar ik op zat, stond in een enorme achterbuurt waar gezinnen met grote problemen woonden: werkloze vaders, gescheiden ouders, verslaafde of zieke moeders en mensen die het niet nodig vonden dat hun kinderen goed waren op school. Het enige lastige van de linker hersenhelft is namelijk dat die getraind dient te worden. Niet dat de mijne getraind werd hoor, maar ik had bij mijn rijke adoptieouders toch wel iets meer prikkels dan een kind uit een arm gezin uit die buurt.

Toch weet ik nog heel goed dat iets meer dan de helft van onze klas redelijk tot goed mee kon komen. In de klassen van mijn zoons was dat aantal zeker niet meer dan een kwart. Nu is het leren op school in die zin meer democratisch dan vroeger dat je niet meer thuis een beetje getriggerd hoeft te worden om goed op school te zijn; dat kan ik niet ontkennen. Maar verplicht moeten leren met je rechter hersenhelft is niet de bedoeling van de schepping! Die is er om mooie dingen te maken en om te sporten en te dansen. Je linker hersenhelft is er om mee te leren en ik denk dat de kinderen van nu niet meer zo graag buiten speelden zoals vroeger, omdat ze daarvoor dus die rechter hersenhelft nodig hebben en die de hele dag op school al hard heeft gewerkt. Liever doen ze languit op de bank online spelletjes waarbij je strategisch moet denken: dat is dus op de natuurlijke manier denken met je linker hersenhelft. En vergeet niet het appen en vooral googlen, waarbij ze correct moeten spellen.

Het leven is dus gewoon omgedraaid en persoonlijk lijkt het me best een goed idee om het weer te maken zoals vroeger. Alleen graag een beetje leuker dan: wat meer expressievakken en meer pauzes om à la rechter hersenhelft lekker te rennen en te springen. En wat we van de huidige tijd zouden kunnen meenemen, is bijvoorbeeld dat kinderen meer op de computer werken of teevee kijken, zodat ze leren over meer onderwerpen dan hun ouders hun kunnen bijbrengen. En dat ze bij de talen niet alleen maar woordjes leren, maar ook van die idioomzinnetjes, zodat ze niet meer van dat lijzige Duits spreken. Dat leraren weer mogen uitleggen, verhalen vertellen en voorlezen op school. Niet van die krengerige directeuren meer op de basisschool, maar gewoon schoolhoofden zoals vroeger en dat een ‘leerkracht’ weer gewoon onderwijzer mag heten. Dat je weer vrijelijk mag balen, zonder dat je gelijk naar de zieleknijpert moet voor een pil. Misschien is het allergrootste kwaad van het huidige onderwijs nog wel dat je alles verplicht leuk dient te vinden!

 

Dat je weer vrijelijk mag balen, zonder dat je gelijk naar de zieleknijpert moet voor een pil. Misschien is het allergrootste kwaad van het huidige onderwijs nog wel dat je alles verplicht leuk dient te vinden!

 

Wedden dat kinderen dan ook veel minder allergieën meer hebben, veel minder ‘stoornissen’ en gelukkiger zijn? Als het leven weer logisch en natuurlijk is, zijn we allemaal blij. Allergieën én (leer)stoornissen worden onder andere veroorzaakt, doordat kinderen zich in duizend bochten moeten wringen om zich aan allerlei idiote regels te houden en er zo ontzettend met een vergrootglas op ze gelet wordt. Nog één laatste ding als het nog mag: dat het geen eerverlies meer is om een klas over te doen, want sommige kinderen zijn gewoon wat later met leren. Niet ieder hersenpaar groeit exact op dezelfde tijd. En laat ze ook maar een klas overslaan of een aangepast programma volgen als ze sneller leren dan de meeste anderen. Ik vond het vroeger tenminste echt immens saai om nooit eens lekker te mogen doorwerken. Aan de sudoku’s begon ik pas op latere leeftijd, toen mijn geheugen het begeven had, maar als je een hoog IQ wilt, is het een heel goed idee om ze toch te maken. Net als doorlopers, van die puzzels waarin je allemaal woorden achter elkaar op één regel moet zetten, zonder zwarte hokjes ertussen. Word je ook héél slim van!

Wat is een school zonder band? Wij luisterden vroeger opstandig naar het rebelse prachtnummer School van Supertramp, dat een gigantische hit was. Live hier voor je, want dan zie je die mannen werken en zweten. Kun je gelijk zien hoe wij gewoon opstandig mochten zijn, zonder dat we gelijk werden opgepakt. En juist omdat het mocht, ging je niet zover in de criminaliteit: dat was namelijk niet leuk meer, omdat niemand zich gelijk aan je ergerde. Tegenwoordig zet je één teen scheef en gelijk mag je er niet meer zijn. Ik overdrijf hoor, maar je snapt het wel, dat weet ik gewoon. Supertramp hier, live vanuit Paris.

 

 

 

 

© Sophia Vassiliou

 

Geef gerust een leuke reactie / Please feel free to give a nice reaction

Ce site utilise Akismet pour réduire les indésirables. En savoir plus sur comment les données de vos commentaires sont utilisées.

Fermer le menu
%d blogueurs aiment cette page :