Beoordelingen schrijven en beïnvloeden

Sorry, this entry is only available in Dutch For the sake of viewer convenience, the content is shown below in the alternative language. You may click the link to switch the active language.

Ik zie, ik zie … helemaal niets!

Hoe beoordeel je iemand zonder die te kennen? Dat is een belangrijke vraag in het leven, want er zijn een heleboel organisaties die dit menen te kunnen. Sterker nog: ze doen het, waarbij ze mensen zonder enig bewijs veroordelen. Of: het bewijs is dan zo’n flutrapport vol met onzin. Mensen komen vervolgens in enorme problemen met zaken als schulden, hun gezondheid, hun carrière of hun gezin. De tweede vraag die ik stel in dit artikel is daarom: kun je je wapenen tegen onterechte veroordeling en hoe dan wel?

Nu ben ik medium en paragnost. Als er íemand zich dus snel een mening kan vormen over mensen, dan ben ik dat wel. Toch zeg ik je: je kunt nóóit iemand beoordelen zonder die in het echt ontmoet te hebben. Niet alleen dat: je moet die persoon meermalen ontmoet en gesproken hebben om je echt een idee te kunnen vormen van wie je voor je hebt. Je kijkt niet zomaar door mensen heen.

Naast paragnost ben ik eerstegraads lerares in drie talen. Ik heb zeker zo’n drieduizend volwassenen, tieners en kinderen lesgegeven in mijn leven. En ik heb leiding gegeven aan hbo- en universitair geschoolde mensen. Weet je wát je heel snel kunt beoordelen? Iemands studievaardigheden en kennis van een taal. Daarin kun je getraind worden en dan weet je binnen een minuut in welke groep je een cursist moet indelen. Zonder toets of wat ook. Ik heb dat ooit eens geleerd van een collega en wij werden toen aangesteld als toelatingscommissie.

Oordelen over iemands karakter is heel andere koek. Ik heb wel eens rapporten over leerlingen moeten schrijven. De eerste keer dat ik dat deed, zat er één tussen dat totaal onbedoeld wat negatief was uitgevallen. Een docente die voor me werkte en het zag, attendeerde me erop. Ik schaamde me dood en heb mijn les goed geleerd die dag: voordat je een rapport over een medemens de deur uit doet, moet het uit-en-te-na bekeken zijn. Ik ga vandaag proberen je te helpen wapenen tegen kwaadwillende rapportenschrijvers.

 

Wie zijn de mensen die over jou schrijven?

 

Nu zijn mensen bij organisaties die over je oordelen, zoals Jeugdzorg, maatschappelijk werk, de school van je kind, de leerplicht, de schoolarts, de kredietbank, de sociale dienst, de reclassering of de specialist in het ziekenhuis geen medium en geen paragnost. Ze hebben jou nog nooit gezien of anders heel kort tijdens een zakelijk gesprek. Ze krijgen van tevoren een of ander rapport over je van een andere pief, die jou ook nauwelijks kent en toch menen ze je op grond daarvan te kennen. Geen haar op hun hoofd die twijfels heeft aan het Oordeel, geveld door die collega: dat is toch een professional? Die schrijft toch niet zomaar iets?

De hamvraag

Dan de hamvraag: schrijven mensen die dit als beroep hebben, echt nooit onzin? Toevallig werd ik vorige week nog uitgemaakt voor wantrouwig door de klachtenafhandelaar van de kinderbescherming uit Arnhem. Ik had niets gezegd of gedaan waaruit zoiets kon blijken en ik had zelfs al mijn vertrouwen aan die man gegeven. Ondanks alles wat ik door de jaren heen met die club en hun vriendjes van Jeugdzorg heb meegemaakt. Ik was eerder te naïef!

Ik kan je letterlijk een metersdikke stapel dossiers laten zien, waarin professionele mensen mij voor van alles uitmaken wat ik niet ben. En ik kan je nog wel een metershoge stapel over ánderen laten zien, die óók voor van alles worden uitgemaakt wat zij niet zijn. Tot agressief, junk en crimineel aan toe.

Dan kan ik je een nog dikkere stapel rapporten laten zien over mensen met wie wél iets mis is, maar die worden beschreven in termen als: eerlijk, capabel, verantwoordelijk, een goede vader/moeder, hardwerkend … Rapporten waarin iemand zo wordt beschreven als ‘ie is, kan ik je bijna níet laten zien.

 

Wat doe je daar nu aan?

Tot zover mijn preek. Nu wat je ertegen kunt doen. Dat is niet bijster veel, want mensen van instanties houden hun collega’s graag de hand boven het hoofd, geven niet gauw fouten toe, sturen je niet gemakkelijk dossiers toe en weigeren halsstarrig verbeteringen aan te brengen in hun knoeiwerk.

Wat eigenlijk ieder slachtoffer van zulke praktijken gelijk doet, is mensen voor ze laten getuigen, die hen wél kennen. Of ze gaan bijvoorbeeld naar een psycholoog, huisarts of advocaat om daar een of ander attest te bemachtigen met een objectievere diagnose. Probleem is daarbij wel dat ook zij horen bij de vetbetaalde elite van onze maatschappij en niet zo gauw geneigd zijn zich aan jouw kant als burger te scharen.

Met andere woorden: het is bijna onmogelijk om van iemand die een ‘instantie’ is, de waarheid over je te horen. Bovendien heb je kans dat de instantie zo’n met bloed, zweet en heel veel geld bemachtigd positief rapport gelijk wegdondert met de opmerking: “Dit is niet iemand die door óns is gevraagd en dus is het niet objectief”. Ja, gekke Henkie! Die idioten die je voor aap zetten, zijn zeker wél objectief??

Kom maar eens uit zo’n vicieuze cirkel! Als je naar wat voor klachtencommissie of zelfs de rechtbank gaat, zul je heel moeilijk gelijk krijgen. Mensen die in zogenaamd onafhankelijke klachtencommissies zitten, zijn rechter, orthopedagoog, leraar of anderszins werkzaam ergens bij zo’n zelfde organisatie.

 

Wat kun je wél doen?

Ten eerste dien je in te zien wat het eigenlijke probleem is. Dat is niet dat deze mensen echt geloven dat jij een of andere mislukte gekzak bent, maar dat zij willen dat je afhankelijk van hen bent en blijft. Ze weten best dat ze fout zitten, maar het laat ze gewoon ijskoud dat jij door hun schuld in de problemen komt. Je kunt hen toch niet pakken, denken ze en helaas hebben ze daar behoorlijk groot gelijk in.

Als je dat tegen ze zegt, ben je er nog lang niet. Maar bij ieder woord dat je tegen hun onrechtvaardige handelen inbrengt, staan ze wel minder stevig. Véél woorden zijn dus nodig. Lange brieven en mails, lange gesprekken en toch wel zoveel mogelijk positieve beoordelingen over jou. Indien nodig zelfs van je collega’s, docenten van vroeger op school, je buren, vrienden en familie. Stuur ze maar op.

Kijken wiens adem het langst is? Ik heb ooit eens gemeten hoeveel lucht er in mijn longen zat. Het is 25 jaar geleden en ik weet het getalletje dus niet meer, maar het was echt letterlijk 2 liter meer dan gemiddeld. Dat weet ik nog wel. En toen deed ik nog niet aan zanglessen. Mijn adem is héél lang. Hoe is het met jou gesteld?

 

©Sophia Vassiliou – Vassiliou Empowerment

Geef gerust een leuke reactie / Please feel free to give a nice reaction